George De Decker


Georges De Decker (°1951) is muzikant en beeldend kunstenaar. Al vanaf 7-jarige leeftijd volgde hij pianoles en vervolgde dit later met een studie aan het Koninklijk Conservatorium van Antwerpen. Zijn composities omvatten zowel solistisch werk (meestal met klankband), als werken voor een groot symfonisch orkest. Tevens componeerde hij voor verschillende kunstdisciplines zoals film, televisie en theater. De Decker werd vanaf jonge leeftijd ook ingewijd in de visuele kunsten. Hij behaalde een graad in kunstgeschiedenis aan het Koninklijk Conservatorium van Antwerpen en studeerde schilderkunst aan de Academie voor Schone Kunsten in Anderlecht bij Guy Leclerq. De Decker schildert in een abstracte beeldtaal en met een sober coloriet monumentale doeken met een robuuste, herkenbare toets. In zijn reeksen composities vormen ritmes op het doek landschappelijke impressies of pure abstracties.

Voor de nieuwe gevangenis in Leuze-en-Hainaut (Waals-Brabant) die in 2014 opende, ontwierp De Decker verschillende beelden, onder andere een bronzen beeld aan de ingang van de gevangenis, glasramen en schilderijen getiteld ‘le bruit de la pensée’, verwijzend naar het geluid van de gedachte, de innerlijke stem, als de enige geestelijke vrijheid die de gevangen nog hebben. Zijn reeks ‘die bezwingung des chaos’ bestaat uit stalen platen die eerder aan wind, regen en zon waren blootgesteld, de roest die hierdoor ontstond werd voor De Decker een substantieel element dat zijn verhaal mee vormen zou geven. Dit werkte hij vervolgens verder af door toevoeging van lood, acryl en pastel. In zijn recente werk ‘coro’, schilderde hij 31 schilderijen naar de 31 verhalen die gezongen worden in het gelijknamige werk van componist Luciano Berio, De Decker legde al eerder een link tussen muziek en beeldende kunst met zijn werk ‘fragmente – stille’, geïnspireerd door de strijkkwartetten van Toshio Hosokawa, die zelf muziek met kaligrafie vergelijkt. Er wordt eerst aandachtig geluisterd, tot de strijkkwartetten – van klank naar beeld – hun vertaling vinden op het witte canvas. Dat De Decker Hosokawa’s metafoor van muziek als kalligrafie gebruikt als inspiratiebron, is niet toevallig. Zelf altijd al gefascineerd door Japanse kunst, schildert hij met een brede, trefzekere toets, haast “kalligraferend” met verf en inkt, waarbij het penseel gehanteerd wordt zoals de pen bij het oorspronkelijke schoonschrift in China en Japan. Daar wordt bij het kalligraferen gebruikgemaakt van een “brede pen”, een pen die in dwarse richting een smalle, maar in lengterichting een brede streep trekt.

De Decker exposeerde in diverse landen, nam deel aan groepstentoonstellingen en heeft een groot aantal solotentoonstellingen op zijn naam staan. Galerie Van Campen & Rochtus en galerie Bianca Landgraaf in Laren (NL) vertegenwoordigen zijn beeldend werk.